2C-I en het verloren arboretum (tripreport)

Een vriend had een vergeten voorraad 2C-I liggen, die hij had aangeschaft toen de stof nog online verkrijgbaar was. Ik mocht een klein beetje daarvan hebben voor een eenmalig experiment. 

Door Anoniem

Voorgaande ervaringen: 2C-B, 2C-C, 2C-D, 2C-E, 2C-P, LSD, paddo’s, DMT, etc.

Het envelopje met ongeveer 40 milligram 2C-I lag een tijdje als pronkstuk in mijn verzameling. Inmiddels is het een ontzettend zeldzame fenetylamine geworden. Legaal wordt het nergens meer verkocht, en voor illegale handelaren is er een te kleine markt om productie rendabel te maken.

Ik was dus ontzettend blij dat ik twee dosissen had kunnen bemachtigen van deze 2C-x met haast mythologische reputatie. Samen met een andere vriend, laten we hem even Noah noemen, besloot ik deze stof uit te proberen in de bossen ergens rondom Wageningen, die we omgedoopt hebben tot ‘de acidplek’.

Van te voren had ik twee aparte capsules gemaakt. We wilden allebei een dosis van 20 milligram nemen. Maar het bleek dat ik toch een beetje minder dan de verwachte 40 milligram uit het envelopje wist te persen. We zouden genoegen moeten nemen met een capsule van 17 milligram, en een capsule van 18 milligram. We namen die capsules in met wat water op een lege maag. Dat zou moeten helpen eventuele bodyload te verminderen.

Eerste effecten

Ongeveer een half uur na inname begonnen de eerste effecten zich voor te doen. Ik voelde een herkenbaar ‘draadje’ dat aan de achterkant van mijn oog begon te trekken. Het klinkt gek, maar dat is meestal het eerste wat ik voel als ik een 2C-x heb genomen.

Op de fiets reden we naar een plek waar allerlei sparren staan die omgeven worden door een dikke laag mos. Dat leek ons de ideale chillplek om de eerste effecten van 2C-I te laten opkomen. Daar zaten we dan, tussen de sparren, op een kleedje dat we over de sponzige moslaag heen hadden gespreid. De ‘acidplek’ heeft echt een sprookjesachtige sfeer. Ideaal voor tripmiddelen.

Onze maag begon te protesteren tegen deze zeldzame stof. Het was een typische misselijkheid zoals ik het nog niet eerder had gevoeld. Het voelde alsof ik een zware steen had ingeslikt die tegelijkertijd nogal zuur was. Kleine boertjes borrelden steeds naar boven. Een beetje twijfelend begon ik een joint te rollen. Cannabis helpt soms misselijkheid te verminderen, maar het kan een trip ook onvoorspelbaar maken.

Gebrekkige visuals

Wiet roken was in ieder geval een welkome afleiding. We zaten een beetje te praten en heel langzaam rookten we de joint op. We hebben ongeveer een uur op de acidplek gezeten. Op dat moment begonnen de visuals zich duidelijk kenbaar te maken. Kleuren waren in ieder geval een stuk feller. Hier en daar begonnen dingen te bewegen die eigenlijk stil zouden moeten staan. De misselijkheid werd al een stuk minder.

We besloten door het bos te gaan lopen. Eigenlijk vanaf dat moment maakte de misselijkheid plaats voor een bodyhigh die sterk op die van LSD leek. De trip leek sowieso heel erg op LSD, alleen leken er wat visuele effecten te missen. We moesten ons echt op de visuele effecten concentreren, wilden we het opmerken.

Psychonautwiki heeft een mooie indeling om visuele effecten te beschrijven. Aan de hand van hun schema kan ik zeggen dat ik wel ‘drifting’ en ‘scenery slicing’ zag, wat ik simplistisch uitleg met ‘kokende’ en ‘bewegende’ objecten. Maar de kenmerkende fractals die je over bijna alle oppervlakten ziet kruipen als je LSD op hebt bleven afwezig. Verder was ik wat gevoeliger voor texturen van boomstronken, takjes op de grond, of binnen landschappen (acuity enhancement).

Het verloren arboretum

Noah vertelde dat er in Wageningen drie arboretums zijn. Dat zijn een tuinen waar allerlei (exotische) plantensoorten worden gekweekt en bestudeerd. Het is een soort dierentuin, maar dan voor planten. Onlangs zou er een vierde arboretum ontdekt zijn. Ik kon me er niks bij voorstellen. Hoe in godsnaam raak je een dierentuin voor planten kwijt? Het is niet alsof bomen en struiken ineens weglopen.

Ik moest daarbij schuldbewust toegeven dat ik eigenlijk nog nooit van een arboretum had gehoord, laat staan dat ik er ooit een had bezocht. Dat verbaasde Noah. Blijkbaar is er in Wageningen een erg mooi, en bekend, arboretum dat ook nog fantastisch uitzicht biedt over de Rijn en omliggende weilanden. Dat klonk voor mij wel als een goede tripplek. Dus we besloten terug te lopen naar de fiets en de plantentuin eens een bezoekje te brengen.

Het was niet zo ver fietsen. Maar het bleek toch een redelijke uitdaging. Ons reactievermogen was flink vertraagd. Gelukkig is Wageningen op een doordeweekse middag niet zo druk. Het zou te moeilijk zijn geweest om rekening te houden met allerlei passerend verkeer.

We hebben een tijdje op een bankje in het arboretum gezeten dat uitzicht bood over het rijngebied. Het was inderdaad een prachtig uitzicht. De plantentuin bevindt zich precies op een heuvel die onderdeel is van de Utrechtse Heuvelrug, en kijkt uit op het typische platte polderlandschap van Nederland. Onze trip begon al redelijk uit te vlakken en we begonnen joints te roken, iets wat ik erg fijn vind als een tripmiddel begint uit te werken.

Eindelijk eten

Iets meer dan vijf uur na inname van de 2C-I gingen we langzaam weer terug naar onze uitvalsbasis. Het werd tijd dat we eindelijk wat zouden eten. Noah had halverwege de trip nog wel geprobeerd, met tegenzin, een boterham naar binnen te werken, maar echt succesvol was dat niet. Inmiddels kregen we allebei best wel honger.

We hebben toen boodschappen gedaan en bij hem thuis een rode curry gemaakt. Dat ging allemaal prima. Het eten smaakte heerlijk en daarna voelden we ons allebei voldaan. Er waren nog wel lichte effecten merkbaar, maar die waren nauwelijks noemenswaardig. Langzaam begonnen de tripeffecten plaats te maken voor een knallende hoofdpijn, die steeds erger werd.

Hoofdpijn en slapen

Ik moest nog een stuk naar huis reizen. En op het moment dat ik thuiskwam, ongeveer tien uur na inname van de 2C-I, keek ik bijna scheel van de hoofdpijn. Het voelde alsof er een dikke balk lood in mijn hersenpan de voorkant van mijn brein aan het pletten was. Hoofdpijn is een bekende bijwerking van 2C-x, maar zo erg als deze keer had ik nog niet meegemaakt. Ik probeerde maar snel te gaan slapen, wat met enige moeite lukte.

Conclusie

2C-I lijkt qua bodyhigh heel erg op LSD. Ook de headspace is erg met dat klassieke tripmiddel te vergelijken. Qua visuals mist er het een en ander, zoals de kenmerkende fractals die over allerlei oppervlakten lijken te kruipen. Het is ook wat jammer dat we ons eerst door ongeveer een uur aan misselijkheid heen moesten worstelen voordat de trip begon. En de hoofdpijn was al helemaal niet fijn. LSD blijft zonder twijfel de koning van de tripmiddelen.

Maar misschien is de vergelijking met LSD niet helemaal eerlijk. Beter zou zijn om 2C-I met andere 2C-x te vergelijken. Zonder twijfel vind ik deze stof beter dan 2C-B, 2C-D en 2C-P. De vergelijking met 2C-C loopt nogal spaak, want dat is veel meer een ‘ontspannen’ en ‘recreatieve’ high die met name door de comfortabele bodyload een heel ander effect geeft. Uit deze reeks van fenetylamines vind ik 2C-I samen met 2C-E wel de beste tripmiddelen. Maar die twee stoffen zijn zodanig anders, dat het moeilijk is om de ene boven de ander te plaatsen. Sowieso is deze vergelijking gebaseerd op subjectieve ervaringen zonder duidelijke criteria. Wat ik wel met zekerheid kan zeggen: ik heb met alle 2C-x lol gehad. Maar 2C-I zal in ieder geval een onvergetelijk eenmalig avontuur blijven.

2C-I en het verloren arboretum (tripreport)
5 (100%) 2 votes